Ken je het gevoel dat je krijgt als je kleinkind tegen je zegt: “OMA, DAT WEET JE TOCH WEL!” en je dan aankijkt met een meewarige blik: triest die oude mensen, ze heeft werkelijk geen idee… En waar hebben we het dan over: dat ik weet wat Insta en Facebook en wat al niet meer is, maar er geen gebruik van maak of weet hoe het werkt. Ook niet het idee heb dat ik er iets aan mis overigens. Of dat ik iemand die ik werkelijk nooit zonder telefoon zie vertel dat de mijne op tafel ligt, en ik er af en toe op kijk en gewoon naar de stad ga zonder mijn telefoon mee te nemen. Onbegrijpelijk in haar ogen. Dat ik mijn kleinkinderen uitleg dat we in de gang een telefoon hadden staan, op een vaste plek, waar je naar toe moest lopen om te gebruiken. Waar je een draaischijf op had en later een druktoetssysteem, om te kunnen bellen. Ze denken dat je uit de oertijd komt. Klopt, ik ben uit de vorige eeuw. Ik dus, uit de vorige eeuw, heb het onzalige idee gekregen dat ik misschien wel met de nieuwsbrief zou kunnen gaan meehelpen.
Aangespoord door Simon uit onze tijdelijke connectgroep, die vond dat ik wel leuke dingen op de connectgroep-app (wat een woord) zette. Ik vroeg aan Linda, degene waar ik altijd wat naar toe stuur als ik iets denk te moeten plaatsen in de nieuwsbrief, wat ze van dat idee vond om eens met haar mee te kijken. Ik, die niet erg handig ben met computers, zou het wel kunnen proberen? Maar, vroeg ik haar, heb jij ook een Apple? Want inmiddels weet ik dat mensen me meestal niet kunnen helpen als ze geen Apple hebben, en heel erg mopperen als ze het wel willen proberen. Zij, Linda, is inmiddels zelf redelijk handig op het andere systeem, maar ze zou Simon eens vragen of het een goed plan was. En uitvoerbaar.
Niet lang daarna kwam de uitslag: men achtte de kans dat ik dit zou kunnen gaan leren, gezien de complexiteit van de Kerk-app, niet erg groot was.
Dat dit dus misschien niet zo’n goed project voor mij zou zijn.
Je zult begrijpen dat mijn teleurstelling zeer gering was, want ik had dit al wel aan zien komen.
Meestal betrap ik mijzelf erop dat ik vaak de omgekeerde weg bewandel: ik hoor iets waarmee ik wel een klik heb, denk er eens over na, of het echt iets passends zou kunnen zijn en onderneem dan actie. Zoals in dit geval, dat ik Linda benaderde. Dan heb ik “het traject in werking gesteld” en dan denk ik: oh, is dit eigenlijk iets dat God voor mij had bedacht?
Dan bespreek ik het in mijn stille tijd met God en dan zeg ik: Nou Heer, als U het ook een goed idee vindt, dan gaat het wel goed komen, en anders was het vast niet voor mij bedoeld….
Was het maar zoals ik een poosje geleden zag, op de door Joy-voor-vrouwen, georganiseerde cabaretavond,waar de dames voortdurend met God in gesprek waren met hun vaste telefoonlijn en direct antwoord kregen op hun vragen.
Aan de andere kant vraag ik God al een aardige tijd hoe ik de derde helft van mijn leven in mag gaan vullen, tot Zijn eer.
Is er een goede, betere of beste manier om Gods wil te vragen over de dingen die je kunt gaan doen? Ik mag er toch van uitgaan dat, als ik met grote regelmaat op mijn manier, “contact met God heb”, God misschien wel degene was die die klik in mijn hart gaf?
Is het ook niet zo dat een varend schip bij te sturen is, maar een stilliggend schip niet? Dus actie ondernemen is altijd beter dan afwachten?
Ik blijf het een lastig vraagstuk vinden.
Linda dacht dat het misschien – zoals Simon dus ook al had gezegd - wel een goed idee zou zijn om af en toe een leuk stukje te schrijven en naar haar te sturen. Voor de website, en in de nieuwsbrief.
Dat heb ik nu dus gedaan. Dat kan ik dan weer wel op mijn Apple.
Groetjes Henriet