De gemeente als volk van priesters

Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninkrijk van priesters, een heilige natie. (1 Petr. 2: 9a)

Die een koninkrijk uit ons gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters voor God, zijn Vader. (Opb. 1: 6a)

Maar er komt een tijd, en die tijd is nu gekomen, dat wie de Vader echt aanbidt, Hem aanbidt in geest en in waarheid. De Vader zoekt mensen die hem zo aanbidden, want God is Geest, dus wie Hem aanbidt, moet dat doen in geest en in waarheid. (Joh.4: 23,24)

Het is altijd al het verlangen van God geweest om een volk te hebben dat Hem toegewijd zou zijn, een volk dat alleen voor Hem was, een heilig volk, een volk als zijn eigendom, een koninkrijk van priesters. Luister maar: Mozes ging de berg op, naar God. De HEER riep hem vanaf de berg toe: ‘Zeg tegen het volk van Jakob: ”als je mijn woorden ter harte neemt en je aan het verbond met Mij houdt, zul je een kostbaar bezit voor Mij zijn, een koninkrijk van priesters zul je zijn, een heilig volk”. (Ex. 19: 3- 6)

Israël bleef niet in het verbond dat God met hen gesloten had. In hun overmoed zeiden ze tegen God: "alles wat U zegt zullen we doen." Ze hielden zich niet aan die belofte. Hij sloeg daarom geen acht meer op hen (Hebr.8: 9). Maar het verlangen van God naar een volk dat Hem toegewijd zou zijn bleef bestaan. In zijn genade bedacht Hij een nieuw verbond, dat een eeuwig verbond is zonder voorwaarden van Godswege, een verbond dat gebaseerd is op het kostbare bloed van Jezus Christus (Matth. 26: 28; 1 Kor. 11: 25; Hebr. 10: 16).

Hoe je deel kunt krijgen aan dat eeuwige verbond vinden we al in het Oude Testament.

God zegt:

Daarom – spreekt de HEER –, keer nu terug tot Mij met heel je hart en begin te vasten, te treuren en te rouwen. (Joël 2: 12)

Dan zal Ik hen eensgezind maken en hun een nieuwe geest geven; Ik zal hun versteende hart uit hun lichaam halen en hun er een levend hart voor in de plaats geven. Dan zullen ze mijn wetten gehoorzamen en mijn regels in acht nemen. Zij zullen mijn volk zijn en Ik zal hun God zijn. (Ez. 11: 19,20)

Maar dit is het verbond dat Ik in de toekomst met het volk van Israël zal sluiten – spreekt de Heer: In hun verstand zal Ik mijn wetten leggen en in hun hart zal ik ze neerschrijven. Dan zal Ik hun God zijn en zij zullen mijn volk zijn. Ik zal hun wandaden vergeven en aan hun zonden zal ik niet meer denken.’ (Hebr.8: 10 en 12)

Aan het einde der tijden, zegt God, zal Ik over alle mensen mijn geest uitgieten. (Hand. 2: 17)

Wat een geweldige boodschap van onze God. Hij die altijd al gedachten van vrede heeft over de mensen. In de genoemde teksten zien we een aantal voorwaarden die leiden tot het koninklijk priesterschap voor God: Bekering – Wedergeboorte - Doop/zalving met de Geest.

Het gevolg daarvan is: Dat wij gemaakt zijn tot een koninkrijk van priesters voor Zijn God en Vader (Opb. 1: 6a). Laat u ook zelf als levende stenen gebruiken voor de bouw van een geestelijke tempel. Vorm een heilige priesterschap om geestelijke offers te brengen die God, dankzij Jezus Christus, welgevallig zijn (1 Petr. 2: 5). Aan Hem die ons liefheeft en ons van onze zonden heeft bevrijd door zijn bloed, die een koninkrijk uit ons gevormd heeft en ons heeft gemaakt tot priesters voor God, zijn Vader – aan Hem komt de eer toe en de macht, tot in eeuwigheid (Opb. 1: 5 en 6). Dit is Jezus Christus onze Heer.

 

PRIESTERS

De Oudtestamentische priester werkte in de tabernakel, de tempel, dus in het huis van God. De priester zorgde voor het gehele huis, hij bereidde de offers voor en bracht die aan God. In de brief aan de Hebreeën staat dat alles wat er rondom en in de tabernakel gebeurde een beeld is van het ware, van het echte (Hebr.9: 24). We weten dat wij, de gemeente, het huis van God vormen. De hedendaagse priesterdienst speelt zich dus ook af in dat huis van God dat we geworden zijn. Priesters voor niemand anders dan God (Opb.1: 6).

Ons gemaakt heeft tot priesters voor zijn God en Vader. Dus afgezonderd voor de dienst aan God. Dat geldt voor iedere gelovige zonder uitzondering.

God heeft ons afgezonderd voor Hemzelf om Hem te kunnen dienen. En wanneer kan dat beginnen? Weer kunnen we een beeld halen uit het Oude Testament.

Er zijn drie voorwaarden voor de inwijding voor het priesterschap.

·       U zult hen met water wassen (Ex. 29: 4).

·       U zult hen met bloed besprenkelen (Ex.29: 21).

·       U zult hen zalven met heilige zalfolie (Ex.29: 21).

Met als gevolg:

·       Heiliging voor hun dienst aan God (Ex.30: 30).

Water is een beeld van het Woord van God zoals dat door de Heilige Geest toegepast wordt op het hart en geweten van de mens. Het brengt ons tot bekering, tot een omkeren naar God. Het heeft een reinigende werking (Joh.13: 10). Het geloof is door het horen (in de zin van het je eigen maken) van het Woord van God (Rom.10: 17). De Geest gebruikt het Woord om de nieuwe geboorte tot stand te brengen (Jak. 1: 18; 1 Petr. 1: 23). Het bloed is een beeld van de prijs die Jezus Christus betaald heeft voor de vergeving van onze zonden (Hebr. 9: 12, 22; 10: 19; Opb. 1: 5b; Rom. 3: 25). In de olie zien we een beeld van de Heilige Geest waarmee we gezalfd en verzegeld zijn.

Deze vier aspecten vinden we ook bij de kinderen van God.

·       Gewassen met water door het Woord (Ef.5: 26).

·       Reiniging door het bloed (1 Joh.1: 7; Opb.1: 5).

·       Zalving en verzegeling door God. (2 Kor.1: 20,21).

Deze drie zijn het die getuigen: de Geest, het water en het bloed. En deze drie zijn tot één (1 Joh. 5: 7,8). Met als gevolg

·       Geheiligd door de Geest van God (1 Kor. 6: 11).

Priesterdienst voor God kan niet zonder de reiniging door water door het Woord, de bedekking onder het bloed en de zalving met de Heilige Geest en daardoor geheiligd zijn voor God.

De volgorde is: bekering, wedergeboorte, doop met de Heilige Geest. Met als gevolg: heiliging. De (priester) gelovige wordt voor zijn of haar dienst geheiligd of apart gezet op het moment dat de bekering, de wedergeboorte en de zalving met de Geest plaatsvindt.

Het is belangrijk om dat goed te beseffen!

Vanaf dat moment doet hij of zij dus dienst voor God in Zijn woning en dat is de gemeente van de levende God. De allereerste taak van een priestergelovige is zich volledig toe te wijden aan God, om daarna bezig te kunnen zijn met het dienen voor God.

De priesters in het Oude Testament waren dagelijks bezig met de dienst voor God. Al datgene waarvan de betekenis voor hun oog nog verborgen was moesten ze doen. Het bepaalde hun leven volledig, ze konden de diepe betekenis er van niet beseffen, maar het zal zeker hun leven gevormd hebben. Zo is het ook met ons. God wil ons leven van dag tot dag vernieuwen naar de innerlijke mens (2 Kor.4: 16) en dat gebeurt doordat wij gericht zijn op God en uit zijn Woord leren. De Heilige Geest verwekt dat Woord in ons tot leven waardoor wij veranderen in ons denken. Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien (Joh.7: 36).     

De taken van de priester waren vele:

- het brengen van offers,

- het brandend houden van het vuur van het brandofferaltaar,

- het verzorgen van de kandelaar, zodat het licht voortdurend op de schacht kon blijven schijnen.

- het onderzoeken of de offerdieren wel zonder gebrek waren.

- het offeren van dieren. Enz. enz.

Alles waar ze mee bezig waren had een diepere betekenis en wijst naar Christus. Dus zonder dat ze het begrepen was hun leven gevuld met datgene wat van Jezus Christus spreekt. Aan ons is dit mysterie al geopenbaard.  Wij die begrijpen wat de beelden betekenen, mogen ons bezig houden met dat wat voor hun nog niet geopenbaard was. Het gaat over de Heer Jezus, niemand en niets anders is bepalend voor de inhoud van ons leven.

 

HEILIG

We hebben al gezien dat het woord heilig de betekenis heeft van: apart gezet zijn voor God met een doel. Maar er is een tweede betekenis: deze drukt uit dat we leven overeenkomstig de heiligheid van God. Zonder de eerste betekenis zijn we niet klaar voor de tweede.

Weest heilig want Ik ben heilig (1 Petr. 1: 16). Want Gods tempel is heilig – en die tempel bent u zelf  (1 Kor .3: 17).

Onze bestemming is een heilige bestemming. Wie Hij al van tevoren heeft uitgekozen, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om het evenbeeld te worden van zijn Zoon (Rom.8: 29). Maar u bent gereinigd, u bent geheiligd, u bent rechtvaardig verklaard in de naam van de Heer Jezus Christus en door de Geest van onze God. (1 Kor. 6: 11).

Heiligheid blijft voor ons als mensen altijd een wat ongrijpbaar begrip. Vaak leggen we een verband met heilig zijn in de zin van vroom zijn en absoluut geen verkeerde dingen doen. Maar het gaat veel verder.

We zijn afgezonderd in deze wereld om voor God te leven en Zijn Zoon in ons zichtbaar te laten worden. Dat kan alleen als we ook in overeenstemming leven met een mate van heiligheid die daarbij hoort. Voor de Vader is dat een vreugde omdat Hij iets ziet van het leven van Jezus in ons.  Daarvoor zijn we geheiligd, dat is ons doel.

Maar nu van de zonde vrijgemaakt en slaven van God geworden (in dienst van God) heb je als vrucht, je heiliging (Rom.6: 22). Heiliging wordt gezien als een vrucht van de werking van de Geest in ons leven. Alhoewel we dat vaak niet ervaren is het dus iets wat de Geest in ons wil bewerken als wij geheel afgestemd zijn op Hem. Dus toegewijd zijn aan God.

 

OFFERS

Priesters brengen offers aan God. Voor ons zijn dat vooral geestelijke offers die aangenaam zijn voor God door Jezus Christus (1 Petr. 2: 5b).

De priester in het Oude Testament was intensief bezig met wat hij offerde en dat had altijd te maken met een voorafschaduwing dus een beeld van het grote offer dat de Heer Jezus gebracht heeft. Zo moeten wij ook in onze offers altijd bezig zijn met het enige offer dat voor God volkomen aanvaardbaar is en dat is de Heer Jezus, het volmaakte Offerlam. God zoekt naar priesters die zo bij Hem willen komen met hum gedachten aan dat ene offer.

….en u zult loven de naam van de HERE, uw God, die wonderbaar met u gehandeld heeft (Joël 2: 26).

De ware aanbidders zullen de Vader aanbidden in geest en waarheid; immers de Vader zoekt  personen die Hem aanbidden (Joh. 4: 23-25). Laten we met Jezus' tussenkomst een dankoffer brengen aan God: het huldebetoon van lippen die zijn naam prijzen, ononderbroken (Hebr. 13: 15 en 16).

Ook zien we dat het voor God erg belangrijk is dat we bereid zijn om onszelf als een levend offer aan Hem te geven. Dat wil zeggen dat er in ons een toewijding aan God gezien wordt.

Dat is voor Hem fijn. In wezen is het zo dat wat er gebeurde in het Oude testament, als een verplichte inwijding, voor ons iets is dat op vrijwillige basis gebeurt vanuit een verlangen in ons hart om er voor God te zijn. De Geest van God wil dit in ons bewerken. Voordat wij onze offers aan God mogen brengen moeten we in het besef leven dat er niets tussen Hem en ons instaat.

Jullie wangedrag is het dat jullie en je God uit elkaar heeft gedreven; door jullie zonden houdt Hij zich verborgen en wil Hij je niet meer horen (Jes. 59: 2). Maar gelukkig zegt God ook tegen ons: Belijden we onze zonden, dan zal hij, die trouw en rechtvaardig is, ons onze zonden vergeven en ons reinigen van alle kwaad. (1 Joh. 1: 9).

Zonden moeten beleden zijn en we moeten ons ook reinigen van het stof dat aan onze voeten kleeft door onze wandel in de wereld (vooral door het zien en horen).  We moeten dagelijks onze voeten wassen (Joh.13: 10) met het water van het Woord. Dat is de reinigende werking die de Heilige Geest op ons toepast door de uitwerking van het Woord van God in ons leven. Het Woord dat reinigt ons en daarom moeten we daar dagelijks mee bezig zijn. Dan zijn we zuiver om onze offers aan God te brengen. Maar het offer waar de Heer het meest naar uitziet zijn wij zelf. De Heilige Geest maakt ons dat duidelijk, door een woord van Paulus, in Rom. 12: 1,2. Als wij ons aan Hem toewijden, dan kan de Heilige Geest ons gebruiken tot eer van de Vader en de Zoon en dan zullen wij onze koninklijke priesterdienst kunnen vervullen.

Alles komt van God, alles bestaat door God en alles eindigt in God. Voor Hem is alle eer, voor altijd en eeuwig. Amen. Ik zeg je daarom dat je, je helemaal aan God moet wijde, temeer omdat Hij je al zijn liefdevolle goedheid aanbiedt. Laat je lichaam een levend offer zijn; heilig, zodat het een vreugde voor God is. Als je je bedenkt wat Hij voor je gedaan heeft, dan is dat toch niet teveel gevraagd? Je moet niet worden als de mensen die zich niets van God aantrekken. Je moet anders worden door een nieuwe manier van denken. Dan kun je ontdekken wat God wil. (Rom.11: 35 t/m 12: 2 het Boek)

Heb je deze keuze al gemaakt? In de tijd waarin we leven is het noodzakelijk om radicaal te zijn als het om onze relatie met God gaat en het volgen van de Heer Jezus!

 

Alpha Cursus Enschede

Contact

Evangelische Gemeente Enschede
Heidestraat 9
7513 ZM Enschede